Boek

 
 
17 mei 2022

Een verhaal boordevol vragen...

Het oeroude verhaal over Noach en de Grote Vloed spreekt zeer tot de verbeelding. Voor de kinderen is van de dieren die twee aan twee naar de ark komen, op ontelbare manieren kinderspeelgoed gemaakt. Voor volwassenen herbergt het verhaal diverse aanknopingspunten voor bezinning en gesprek. Welke richtsnoeren treffen we aan voor het omgaan met de schepping? Waarom moesten er zoveel andere mensen en dieren omkomen in die Grote Vloed? Hoe kon God besluiten om de aarde met alles erop te vernietigen? Is dit wel een God om in te geloven, dat wil zeggen om je vertrouwen op te stellen?

Dit boekje nodigt uit om, aan de hand van vooral de joodse uitleg, een ontdekkingsreis te ondernemen naar wat dit verhaal wil overbrengen. Het is zeker niet een verhaal bedoeld om precies door te geven hoe alles is gebeurd. Om de betekenis in en voor onze tijd op het spoor te komen is het belangrijk oog te krijgen voor de manier waarop het geschreven is en te kijken naar wat er precies staat in de Hebreeuwse grondtekst. Hoe meer antwoorden op de prangende vragen bij het verhaal onder woorden worden gebracht, des te meer wordt de tekst recht gedaan. De tekst heeft daarbij het laatste woord: ‘Het moet er wel staan!’ Maar de tekst blijkt juist veel ruimte te geven. Er bestaat niet slechts één waarheid, niet één uitleg. Zeer geschikt voor bestudering in groepsverband maar ook buitengewoon inspirerend bij zelfstudie. 
Voor meer informatie en bestellen: www.stichtinglev.nl

Over de schrijfster:

Afke Maas-Smilde overleed op 11 januari 2020. Jarenlang was zij de uiterst betrouwbare en nauwgezette secretaris van de commissie Doopsgezinden-Jodendom (voorheen Commissie inzake verhouding Joden-Christenen). De verschijning van haar boekje, Noach en de Grote Vloed, twee jaar na haar overlijden, kan gezien worden als een postume kroon op haar leven en werken. In 2015 legde Afke haar predikantschap neer om zich meer te gaan wijden aan haar grote passie: de studie van de joodse exegese van de Tenach, die zij consequent het Eerste Testament noemde. Ze schreef materiaal voor cursussen en leerhuizen en omdat zij gedurende haar opleiding zorgvuldig had leren lezen wist zij met enthousiasme vele deelnemers van de door haar geleide leerhuizen te stimuleren hetzelfde te doen. Haar nauwgezetheid in de omgang met de Schriften bracht menigeen tot een dieper en soms verrassend ander verstaan van teksten en verhalen. Meer dan eens wist zij in de verhalen die mensen dachten te kennen die lagen bloot te leggen die veel meer ruimte boden dan tot dan toe voor mogelijk werd gehouden. 
Dat ook in het gebruik van dit boek haar nagedachtenis tot zegen mag zijn.

Johannes van der Meer


Terug
 
Meer informatie
contact maandblad privacy
routebeschrijving nieuwsbrief disclaimer
veelgestelde vragen inloggen colofon
2022 Commissie Doopsgezinden-Jodendom